Ondernemen

‘IK ZOU WILLEN DAT IK DINGEN SOMS WAT MEER LOS KAN LATEN’

Puck van Holsteijn (45) is inmiddels een bekend gezicht binnen de sector. De afgelopen jaren bracht ze World Horti Center als CEO de stabiliteit waar het naar snakte. Maar ze zorgde ook voor een positieve vibe binnen het gebouw dat onderwijs, onderzoek, ondernemerschap én overheid met elkaar verbindt. Wie is Puck van Holsteijn, wat drijft haar en wat zijn haar ambities? “Ik ben als een kameleon, ik kan mij goed aanpassen. Maar de Puck die bij haar zoon langs het voetbalveld staat, is wel dezelfde Puck die een minister de hand schudt.”

Tekst: Jacco Strating
Fotografie: Lianne Torn-Boschman/Salted by Salt

Ze is een echte Westlandse, geboren en getogen in Wateringen. Toch groeide ze niet op in de tuinbouw, maar in een bakkersgezin. Haar ouders runden meerdere brood- en banketbakkerijen. “Ons huis zat ook echt aan de zaak vast”, zegt Puck. “Ik heb als jong meisje ook wel eens op een tuin gewerkt, maar de meeste tijd bracht ik door in de bakkerij, waar ik veel in de winkel heb geholpen. Dat heeft me wel gevormd en ervoor gezorgd dat ik een ondernemend persoon ben.”

Puck was enig kind. Haar ouders waren ambitieus. “Op een gegeven moment hadden ze vier winkels in Wateringen, Kwintsheul en Den Haag”, vertelt Puck. Maar hoewel haar ouders altijd hard werkten, lieten ze ook zien dat zij van hun werk konden genieten. “Het was best pittig hoor, zeker voor mijn vader die altijd ’s nachts moest werken. Maar hij zorgde er ook voor dat hij een sociaal leven had en sportte naast het werk. Dat is eigenlijk nooit veranderd. Ze zijn inmiddels allebei in de zeventig, maar nog steeds actief en fit. Als ik hen zie, denk ik: ja wauw, dat wil ik ook.”

Wereld lag open

De bakkerszaken overnemen wilde Puck niet. “Dat wist ik al vrij snel. Zoiets doe je ook niet alleen. Ik kende mijn man al vrij jong, maar hij had ook geen interesse. Daarom hebben mijn ouders het bedrijf verkocht en dat was goed.” Na de middelbare school studeerde Puck aan de Hogere Europese Beroepen Opleiding (HEBO) in Den Haag, een brede studie richting bedrijfsmanagement. “Ik kwam met zoveel andere dingen en nieuwe mensen in contact, de wereld lag echt voor mij open, zo voelde dat.” Ze studeerde een half jaar in Barcelona - wat ze ‘fantastisch’ vond - en zou aanvankelijk ook stage lopen in Spanje. Toen die trip vlak voor vertrek werd geannuleerd, moest ze snel schakelen. “Ik zat nog in een projectgroepje voor een marketingopdracht bij een bedrijf in de Achterhoek. Een metaalgaasweverij. Ik gooide een balletje op of ik daar geen stage kon lopen en dat mocht. Ik ben toen net over de grens in Duitsland gaan wonen. Het was wel geen Barcelona, maar toch in het buitenland.”

Ze kwam bij een familiebedrijf terecht, de derde generatie op dat moment. En na haar studie boden ze haar een baan aan. “Ze hadden nog geen marketingafdeling, dus die mocht ik opzetten. Uiteindelijk ben ik daar doorgegroeid binnen de organisatie. Eerst tot het management en uiteindelijk tot operationeel directeur. Zij hebben mij zoveel kansen geboden om mijzelf te ontwikkelen.” Logistiek gezien moest ze wel creatief zijn, want ze woonde weer in het Westland. “Het was een eind weg, dus ik moest veel reizen. Op maandagochtend ging ik daar heel vroeg heen, dan bleef ik daar slapen. Op dinsdag ging ik dan pas laat weer naar huis en werkte ik woensdag thuis. En op donderdag en vrijdag deed ik het weer zoals op maandag en dinsdag. Dat heb ik heel lang volgehouden.” Ze bleef dat ritme zelfs aanhouden toen ze haar zoontje kreeg. “De eerste vier jaar van zijn leven heb ik hem gewoon altijd met mij meegenomen. Op maandag en dinsdag zat hij daar in een fantastisch gastgezin op een boerderij, dat was echt heel leuk voor hem. En voor mij ook. Ik haalde hem dan ’s avonds op en dan hadden we daar ‘quality time’ samen. Op donderdag en vrijdag bleef hij hier bij mijn man en mijn moeder. Die hadden dan ook hun eigen moment. Als je dat zo met elkaar kunt regelen en je staat daar hetzelfde in, dan kan ik dat echt aanraden. Zo zorg je ervoor dat je ook je eigen leven nog een beetje hebt.”

'HET WHC-CONCEPT IS ZO MOOI, DAAR MOETEN WE TOCH MEER UIT KUNNEN HALEN?'

Team vol vrouwen

Juist toen haar zoon naar de basisschool ging en ze er bewust voor koos om haar weekindeling aan te passen, werd ze benaderd voor een functie in het Westland. HortiHeroes was net gestart om talent aan te trekken, te verbinden en te ontwikkelen binnen de tuinbouwsector. “Ze zochten een directeur”, vertelt Puck. “Ik ben gaan praten en was al snel verkocht.” In de Achterhoek werkte ze bij een bedrijf van meer dan 100 jaar oud met vooral mannen. Bij HortiHeroes kwam ze in een nieuwe omgeving waar ze in een team met enkel vrouwen ging werken. “Het was een wereld van verschil. Ik was gewend om heel hard te moeten werken om een nieuw idee erdoorheen te krijgen, terwijl bij HortiHeroes de ideeën elkaar in razend tempo opvolgden en ook gelijk werden opgepakt.”

Puck bleef haar functies bij beide bedrijven nog een tijd lang combineren. “Ik werkte twee dagen in Naaldwijk en drie dagen in Dinxperlo. Maar toen kwam World Horti Center op mijn pad.” In 2018 was het kennis- en innovatiecentrum voor de glastuinbouwsector voortvarend van start gegaan. Maar in de jaren die volgden bleek het lastig om World Horti Center (WHC) naar de volgende fase te brengen. De plek waar ondernemers, onderwijs, onderzoek en overheid samen moesten komen om te groeien, bleek een plek die zelf groeistuipen had. “Met HortiHeroes hielden we hier kantoor en ik zag zelf ook dat de situatie ingewikkeld was”, geeft Puck aan. Meerdere directeuren beten zich stuk op het ‘dossier WHC’. “Vanuit mijn rol heb ik hier en daar meegedacht, maar ik verwachtte niet dat ik vervolgens zélf zou worden gevraagd om de boel te leiden.” Toen die vraag kwam, moest Puck daar goed over nadenken. “Veel mensen waarschuwden mij om het niet te doen. Het zou een wespennest zijn. World Horti Center kende inderdaad turbulente jaren en ik zou de vijfde directeur in korte tijd worden. Maar ik dacht ook: wat heb ik te verliezen? Laat ik het gewoon proberen. Het concept achter World Horti Center is zo mooi, daar moeten we toch meer uit kunnen halen? Dus heb ik ja gezegd.”

Zelfverzekerde vrouw

Een klein half jaar werkte ze nog zowel bij de metaalgaasweverij als bij HortiHeroes als bij World Horti Center. “Maar toen was het na negentien jaar echt wel tijd om afscheid te nemen in de Achterhoek. Als klein meisje had ik nooit bedacht om in een metaalbedrijf en zo’n mannenwereld te gaan werken. Maar ik heb me er altijd heel goed gered en heb het erg naar mijn zin gehad. Mijn hart gaat sneller kloppen van branches en bedrijven waar iets wordt gemaakt, waar iets wordt geproduceerd.” En Puck heeft er veel geleerd, geeft ze aan. “Ik kwam als verlegen student binnen en ben als zelfverzekerde vrouw vertrokken. Ik heb geleerd om uit te spreken wat ik wil bereiken, omdat je het dan vaak ook voor elkaar krijgt. En ook dat als je een plan hebt, het belangrijk is om mensen mee te nemen in die veranderingen. Niet alleen door te vertellen waar je heen wilt, maar ook door echt te zien wat mensen motiveert om daaraan bij te dragen. Ik heb ook vervelende periodes meegemaakt, reorganisaties waarbij ik mensen moest ontslaan. Door dat op een menselijke manier aan te pakken, kun je anderen laten zien waarom je bepaalde keuzes maakt. Dat was enorm leerzaam en daar heb ik in mijn huidige werk ook heel veel aan.”

Inmiddels werkt Puck volledig vanuit World Horti Center. Bovendien is HortiHeroes vorig jaar met WHC gefuseerd, waardoor ze als CEO nog meer focus kan aanbrengen. Sinds haar aantreden vier jaar geleden wist ze ‘het schip WHC’ weer in beweging te krijgen. “Met elkaar hebben we de laatste jaren heel hard gewerkt en dan is het fijn om daar ook resultaat van te zien.” De menselijke aanpak die in haar vorige werk voor succes zorgde, laat zich ook in Naaldwijk gelden. “Het is belangrijk om de tijd voor mensen te nemen, in gesprek te gaan en echt te luisteren. Door aandacht te hebben voor elkaar en ook lol te hebben samen kun je zoveel bereiken.” Puck erkent dat in het verleden lang niet alles goed ging. “Maar we hadden een goed fundament staan met mooie partners. Ik ben in gesprek gegaan met hen. Wat kunnen we voor jou betekenen? Hoe kunnen we zorgen dat we bij jou ook die vernieuwingsslag aanjagen? En van daaruit zijn we verder gaan bouwen.”

'IK VIND HET BIJ MIJN WERK PASSEN OM ER NETJES UIT TE ZIEN, MAAR HET LIEFST NIET TE SUF EN SAAI'


Continu
bijsturen

Dat sociale aspect, heeft ze daar voelsprieten voor ontwikkeld door de jaren heen? “Ik denk het wel”, zegt Puck. “Ik ben een soort kameleon, ik kan mij heel goed aanpassen en weet mensen vaak goed aan te voelen. Tegelijkertijd heb ik ook een dikke olifantshuid ontwikkeld, die heb je soms óók nodig. En doorzettingsvermogen. De dynamiek op de campus is heel divers en daarmee ook heel leuk. Op het ene moment sta ik met een leerling van MBO Westland te praten en op het andere moment wandelt hier een ondernemer binnen. En we hebben hier zowel start-ups als corporates zitten. Ook daar zijn weer verschillen in wat mensen van mij verwachten. Zoals een minister-president en een onderzoeker ook weer anders binnenkomen. Ik moet dus continu schakelen en ik denk dat mij dat wel goed afgaat.”

Daarnaast is Puck van mening dat als je zelf de juiste energie geeft, je dat in veel gevallen ook weer een keer terugkrijgt. “Dat is natuurlijk ook het hele idee van dit concept, dat mensen hier worden samengebracht, dat je kennis met elkaar deelt en dat je mensen inspireert. En dat je ook nog eens die innovatie aanjaagt. Dan moet je niet alleen met elkaar kunnen praten, maar ook echt met elkaar kunnen werken. Dat is vaak moeilijker dan alleen uitspreken dat je iets samen wilt doen.” Het vermogen om zich aan te passen betekent overigens niet dat Puck zich in verschillende situatie anders voor- doet dan ze is. “Nee, ik denk wel dat ik altijd authentiek ben. De Puck die bij haar zoon langs het voetbalveld staat, is dezelfde Puck die een minister de hand schudt. Natuurlijk hanteer je andere beleefdheidsvormen, maar ik ben wel altijd dezelfde persoon.”

De verschillen in DNA binnen WHC zijn in het verleden misschien wel wat onderschat, denkt Puck. “Je kunt wel hetzelfde doel hebben, maar de weg ernaartoe is voor iedereen anders. En het tempo ook. Op dat vlak hebben we denk ik wel wat lessen geleerd. Ook dan kom je weer uit op die persoonlijke relatie en vertrouwen hebben in elkaar. Weten dat je met elkaar verder komt. Daarom noemde ik mijzelf ook een kameleon. Die schakelen namelijk niet alleen vanwege hun omgeving, maar ook om iets duidelijk te maken. Het is dus niet alleen een schutkleur, maar ook een vorm van communicatie.”

Nog meer impact maken

Na de vele personele wisselingen in de beginjaren van World Horti Center, is nu meer sprake van stabiliteit. Maar Puck geeft toe dat een campus als Word Horti Center een moeilijk verdienmodel is. “We zijn trots op het aantal partners, op het groeiende ecosysteem en de studenten die ons steeds beter weten te vinden. Een grote uitdaging hierin is het vinden van een betere balans tussen financiering, snelheid en impact. Ik blijf op zoek naar nieuwe manieren om het nog succesvoller en financieel gezonder te maken. En samen bij te dragen aan die gezonde en groene wereld.”

Ook met oog op de groei die de campus de komende jaren gaat doormaken. Zo wordt hard gebouwd aan de Flora Campus Westland waar WHC het middelpunt van zal zijn. “Om ons heen wordt nog 23 hectare ontwikkeld, waar leren, werken en wonen samenkomen. Een heldere visie, een goede governance en samenwerken is van essentieel belang om hier de ‘Silicon Valley’ van de food en flower industrie te worden. Onze sector, met de ondernemers en al het talent, heeft de wereld zoveel te bieden als we kijken naar duurzame productiesystemen en voedselzekerheid en daarmee ook social impact.”

Omarmen én kritisch blijven

Puck is supertrots op de positie die World Horti Center inmiddels heeft opgebouwd. “Wij zijn echt wel de promotor van de BV Nederland, zowel nationaal als internationaal. En we worden steeds meer gezien. De Flora Campus Westland vind ik ook echt een hele goede ontwikkeling. Dat gaat de tuinbouw heel veel kansen bieden. Het is belangrijk dat we dat als sector omarmen. Maar we moeten ook kritisch blijven, zodat we niet weer dezelfde fouten maken als in het verleden. En nieuwe initiatieven moeten bestaande initiatieven niet in de weg zitten. Laten we zoveel mogelijk aan elkaar koppelen en elkaar proberen te versterken. Zodat we samen het verhaal kunnen vertellen rondom thema’s als water, energie en gezondheid.”

Dat het weer bruist in en om World Horti Center is mede te danken aan Puck, al deelt zij die credits graag met haar team. Haar kleurrijke verschijning heeft er in ieder geval wel voor gezorgd dat Puck een herkenbaar gezicht naar buiten toe is geworden. Op groepsfoto’s met internationale gasten springt ze er ook altijd uit tussen de vele grijze en blauwe pakken. “Ik ben gek op shoppen en dol op kleding. Ik koop eigenlijk veel te veel”, lacht ze. “Zo nu en dan las ik dan ook even een ‘kooppauze’ in. Maar ik vind het wel bij mijn werk passen om er netjes uit te zien en liefst niet te suf en saai. Al is dat inmiddels wel meer een excuus geworden om telkens weer iets nieuws te kopen. Het is een te dure vorm van ontspanning eigenlijk en ook nog eens slecht voor het milieu… Nou misschien maar eens aanpakken!” Volgens sommigen is ook haar grote bos blonde krullen een handelsmerk. “Dat vind ik dan weer gek. Die heb ik nu eenmaal, dat is niet iets waarvoor ik kies. Maar daar word ik dus wel aan herkend. En als ik word herkend, is dat uiteindelijk ook weer positief voor World Horti Center. Zo is het wel.”

Het verschil maken
Naast hard werken, is er ook zeker tijd voor plezier. Haar gezin, familie en vrienden en daarmee gezellig eten, sporten en op vakantie gaan, zijn heel belangrijk voor haar. “De balans tussen werk en privé is en blijft een uitdaging, maar ook hier geldt: samen komen we er wel. Ik merk wel dat sporten met zo’n drukke baan heel belangrijk is. Zo blijf ik fit en het zorgt er ook weer voor dat ik mijn hoofd een beetje leeg kan maken.”

Puck hoopt en denkt echt dat zij in haar huidige rollen een verschil kan maken. “De dynamiek en de positieve impact vanuit de tuinbouw en onze organisaties, zorgen voor mijn drive. We hebben zo’n fantastische sector. Het voelt heel goed om het idee te hebben dat ik toch elke dag een klein beetje het verschil kan maken, samen met ons team en onze partners.” Of ze dat tot in lengte van dagen blijft doen, is echter de vraag. “Ik denk daar best wel eens over na. Ik heb altijd gezegd dat ik hier niet twintig jaar blijf. Wat dan een mooie vervolgstap zou zijn? Ik vind het heel lastig om dat op dit moment te bepalen. Ik heb hier zo’n mooie job. Met een veelheid aan mensen van over de hele wereld en al die stakeholders hier in huis. Ja, het is een ingewikkelde job, maar ik ben wel op mijn plek.” De politiek wellicht? “Ja, misschien wel. Ik heb altijd gezworen dat ik dat nooit zou doen, maar ik ben wel steeds meer met politiek bezig. Dus wie weet.”

Wel heeft Puck wensen als het gaat om haar persoonlijke ontwikkeling. “Ik zou willen dat ik de dingen wat meer los kan laten. Dat ik soms ook zeg: genoeg is genoeg. En dat ik dan niet meer ’s nachts wakker lig met de gedachte ‘had ik maar dit of dat gedaan’. Ik ben een energieke perfectionist en dat is zeker naar mijzelf toe niet altijd even makkelijk. Ik zie dan vooral wat er niet goed is gegaan en minder wat wel is gelukt. Als ik dat zou leren, zou mij dat absoluut meer rust geven.”

Deel dit artikel
Terug naar artikelen