
Groene aanpak wint terrein in paprika, maar vraagt om lef
De glastuinbouw vergroent en verduurzaamt in rap tempo. Dat geldt ook voor de paprikateelt, waar natuurlijke vijanden en groene middelen een steeds belangrijkere rol spelen in de bestrijding van ziekten en plagen. Voor veel telers zijn de biologische insecticiden Oikos en Velifer inmiddels onmisbaar in de strijd tegen trips, luis en spint. Een optimale inzet kent wel de nodige aandachtspunten. Daarnaast vergt groen werken een mentaliteitsverandering én een stukje vertrouwen.
Tekst: Ank van Lier
Fotografie: Wim van Groenendaal
Luis, trips en spint horen tot de belangrijkste ‘vijanden’ in de paprikateelt. Daarnaast zorgen ook wantsen voor problemen. Om deze plagen onder de duim te houden, zetten telers tot enkele jaren geleden vrijwel standaard chemie in aan het begin van de teelt. “Op die manier waren ze verzekerd van een schone start. Ook konden nuttige insecten vervolgens preventief worden ingezet bij een lage insectendruk”, zegt Wessel van Vliet. Hij is Technisch Productadviseur Glastuinbouw & Biologicals bij BASF. “Een aantal van deze chemische middelen heeft echter ook een negatieve nevenwerking op de nuttige insecten. Deze hadden hierdoor een lastigere start, ook bouwde de populatie zich langzamer op.”
Om die reden, maar vooral omdat het pakket aan chemische middelen verder verschraalt, kiezen steeds meer paprikatelers voor een groene strategie om de genoemde plagen te voorkomen en onder de duim te houden. Groene middelen spelen een sleutelrol in deze strategie. “Als BASF adviseren wij paprikatelers om te kiezen voor de inzet van natuurlijke vijanden - dan gaat het vooral om roofmijten, luisbestrijders en later roofwantsen - in combinatie met onze biologische insecticiden Oikos en Velifer.”
Veilige keuze
Oikos - een middel op basis van de stof azadirachtin - wordt meestal ingezet aan het begin van de teelt, tegen luis en trips. Zodra de luizen en tripsen aan de plant zuigen, krijgen ze de stof binnen en leggen ze het loodje. “Dikwijls wordt de eerste toepassing een kleine week na het planten uitgevoerd. Omdat de plaagdruk dan nog laag is, maar ook omdat Oikos een nadelige nevenwerking heeft op de nimfen van de Orius-roofwants. Deze zetten telers doorgaans in het voorjaar in tegen trips.” Een voordeel van het product is volgens Van Vliet ook dat het weinig olie bevat. “Dat is positief, aangezien een paprikagewas slecht tegen olie kan. In dat opzicht is Oikos een veilige keuze.”
John van de Pasch, Specialist Paprika bij toeleverancier Mertens, ziet in de praktijk dat het groene middel ook nog wel in de zomermaanden wordt ingezet. “Dan met als doel om de luizendruk in deze periode onder controle te houden. Telers spuiten het middel dan meestal onder de vruchten door, omdat de luizen vaak onderin het gewas blijven sluimeren. Dan hebben de Orius-roofwantsen hier geen last van; deze zitten namelijk in de top van de planten. Verder is de veiligheidstermijn van Oikos vorig jaar verkort van zeven naar drie dagen. Hierdoor kan het product ook makkelijker worden ingezet tijdens de oogst.”
Velifer als troef tegen spint
Later in het seizoen kiezen veel telers er nog voor om het schimmelpreparaat Velifer in te zetten tegen spint. “Velifer - op basis van de insectenparasitaire schimmel Beauveria Bassiana stam PPRI 5339 – is een olieformulering, maar het gaat wel om een zachte, gewasvriendelijke olie. Deze is niet schadelijk voor het gewas”, vertelt Wessel van Vliet. “Ook kan dit preparaat prima worden gecombineerd met de inzet van nuttige insecten, zo hebben studies aangetoond. Dit biedt telers extra flexibiliteit gedurende de teelt.” Hij benadrukt wel dat het – voor een optimale werking van Velifer – van groot belang is om het insect te raken. “Wanneer de schimmel op het insect zit, dringt deze het beestje binnen op plekken waar het insect het meest zacht is. Vervolgens valt de schimmel het insect van binnenuit aan. Zodra de schimmel binnendringt, stopt het insect met vreten. Enkele dagen later sterft hij. Voor een optimale schimmelgroei en dus effectiviteit zijn wel een juiste temperatuur en RV van belang. Daarnaast moet de pH van het spuitwater zich tussen de 5,5 en 8 bevinden.”

Steuntje
in de rug

Van Vliet geeft eerlijk toe dat Velifer geen ‘specialist’ is in het bestrijden van spint, maar daar wel een goede bijdrage aan kan leveren. “Zeker in combinatie met de inzet van nuttige insecten.” Van de Pasch onderschrijft dat. Hij geeft ook aan dat Velifer een mooie toevoeging kan zijn in de periode dat de roofmijtenpopulaties tegen spint nog in opbouw zijn. “De bestrijders die worden ingezet tegen spint – het gaat dan meestal om Phytoseiulus persimilis en Feltiella acarisuga - hebben echter tijd nodig om een goede populatie te kunnen opbouwen. Inzet van Velifer is dan een steuntje in de rug en helpt om de spintmijten ook in die fase beter onder de duim te houden. Net zolang totdat de nuttige insecten het verder afkunnen. Het aantal toepassingen is in ieder geval geen issue; Velifer mag namelijk 73 keer per jaar worden ingezet, met een interval van 5 dagen.”
De hamvraag is natuurlijk of de plagen in de paprikateelt onder controle gehouden kunnen worden met een combinatie van natuurlijke vijanden en de genoemde groene middelen? “Dat is lastig te zeggen en verschilt per situatie”, erkent Van de Pasch. “Keiharde garanties zijn niet te geven, terwijl telers wel het liefst zekerheid willen hebben. Daarbij gaan telers vanwege eisen van afnemers voor perfectie, terwijl dat binnen het huidige speelveld niet altijd meer mogelijk is. Groen werken vergt een mentaliteitsverandering. Maar we moeten met zijn allen hoe dan ook die richting uit. Ieder jaar vallen er immers weer chemische middelen af. Zo mogen vanaf 1 januari volgend jaar bijvoorbeeld geen producten op basis van spinosad meer worden ingezet in de substraatteelt van paprika.”
Extra zekerheid
De adviseur ziet weliswaar dat steeds meer paprikatelers kiezen voor een groene strategie, maar dat sommige bedrijven ook nog chemie inzetten. “Vooral aan het begin van de teelt, als een soort van extra zekerheid. Pas daarna maken ze de overstap naar groene middelen in combinatie met biologie. Groen werken vereist ook vertrouwen. En het vraagt om lef, je moet het anders durven doen.”
Van Vliet benadrukt dat paprika-telend Nederland wel absoluut op de goede weg is. “Maar het is logisch dat je hobbels tegenkomt in de transitie naar een groenere werkwijze. Wij als BASF denken en ontwikkelen in ieder geval met de telers mee. Om die reden testen we bijvoorbeeld diverse producten op hun werking tegen luis in paprika. Er zitten nog innovaties in de pijplijn voor de komende jaren.”

b
.gif)

.gif)









